Price list 2026 · Europe

Gipspleister en glad pleisterwerk

Gipspleister is een fijne binnenpleister die wanden en plafonds vlak maakt en ze een gladde afwerking geeft. Een dunne finishlaag maakt dat oppervlak nog strakker, zodat je er meteen op kunt schilderen of behangen. Je hebt dit werk vooral nodig in een nieuwbouwwoning met ruwe wanden van snelbouwsteen, betonblokken of beton, en bij een ren

Bijgewerkt 09/2026·6 min read·15 price list items
Prijs standaardwerk
22,10 €/ m²
Indicatieve bandbreedte
17,60 € - 28,80 €
60 m² appartement
3315,00 €
Prijs alleen voor deze specifieke werkzaamheid - zonder materiaal en zonder voorbereidend werk. Dit is niet de prijs van de complete klus.
Bereken mijn renovatie
Actuele prijzen

Bereken het werk met de prijslijst

Enter quantities and the price recalculates instantly. You can adjust these rates in your price list.

Metsel- en pleisterwerk15 posten

Alle getoonde prijzen zijn exclusief btw. De arbeidsprijs is alleen arbeid. De prijs incl. materiaal omvat ook hulpmaterialen (lijm, voorstrijk, kitten, bevestigingsmiddelen). Wand- en vloertegels, vloeren, verf en sanitair kiest en koopt de klant zelf, die zitten niet in de prijs.

PostEenheidPrijs / eenheidHoeveelheidTotaal
Metselwerk
Gipspleister / glad stucwerkm²22,10 €-
Scheidingsmuur tot 12,5 cm (baksteen/Ytong) metselenm²34,95 €-
Muurwerk tot 30 cm (Porotherm, Ytong) metselenm²46,00 €-
Muur- en vloerprimer aanbrengenm²3,50 €-
Wapeningsgaas voor binnenmuurwerkm²21,15 €-
Muurreparaties (Rimano, Rotband)m²-
Muurraapwerk (basislaag)m²-
Fijne kalk-cementpleister (Feinputz)m²17,50 €-
Stucpleisterm²17,50 €-
Machinaal aangebrachte pleister (kalk-cement)m²-
Buitenpleistersm²28,50 €-
Latei plaatsenst46,00 €-
Openingen dichtmetselenm²46,00 €-
Schoorsteenbouw (chamotte + keramische voering)str.m-
Schiedel-type schoorsteenbouwstr.m-
Totaal arbeid
- vul hoeveelheid in
Offerte maken vanuit prijslijst →

Hoe het werk stap voor stap verloopt

Goed pleisterwerk begint bij de ondergrond. Gips volgt precies wat eronder zit, dus elke fout in het metselwerk zie je later terug op de afgewerkte wand.

  1. De ondergrond controleren: die moet vast, droog, stofvrij en vetvrij zijn, zonder resten van oude verflagen. Op beton eerst de resten van bekistingsolie verwijderen.
  2. De vlakheid van de wanden meten, meestal met een laser, en de dikte van de pleisterlaag bepalen.
  3. Ramen, vloeren, stopcontacten en schakelaars afdekken. Waar nodig hoekprofielen en pleisterprofielen plaatsen.
  4. De ondergrond voorstrijken. Op glad beton een hechtlaag gebruiken, zodat de pleister goed blijft zitten.
  5. De pleister machinaal of met de hand aanbrengen, in één doorgaande beweging over het hele vlak, zonder lange pauzes.
  6. De pleister met een aluminium lat vlak trekken en holle plekken bijvullen.
  7. Zodra het gips begint op te stijven, het oppervlak bevochtigen en gladzetten met een roestvrijstalen spaan.
  8. De pleister laten drogen bij rustige, constante ventilatie.
  9. Afhankelijk van de gewenste afwerking een dunne finishlaag aanbrengen, bij hoge eisen soms twee.

Een gewone gipspleisterlaag is meestal ongeveer 10 tot 15 mm dik, de finishlaag maar rond een millimeter. De precieze waarden staan in het technische blad van de fabrikant.

Machinaal, handmatig en finishlaag: wat kies je wanneer

Machinaal pleisterwerk wordt met een pleistermachine gemengd en gespoten. Het mengsel heeft steeds dezelfde dikte en het werk gaat snel. Daarom kiest een plafonneerder dit voor grote oppervlakken, zoals een complete nieuwbouwwoning of een heel appartement. Een extra voordeel: minder kans op zichtbare aanzetten, de plekken waar verse pleister tegen al opgesteven pleister aansluit.

Handmatig pleisterwerk wordt in kleinere hoeveelheden aangemaakt en met de spaan opgezet. Het past bij herstellingen, kleine of smalle ruimtes, dagkanten van ramen en plekken waar je met een machine niet goed bij komt. Het gaat langzamer, maar de vakman heeft de details beter in de hand.

Voor de finishlaag worden vooral twee soorten materiaal gebruikt:

  • Gipsgebonden finish, die van nature goed aansluit op gipspleister
  • Kunststofgebonden finishplamuur, als je een zeer glad oppervlak wilt, bijvoorbeeld onder een verf met wat glans of bij strijklicht van grote ramen

Machinaal gipspleister wordt vaak zo glad gezet dat een aparte finishlaag niet nodig is. Spreek vooraf met de plafonneerder af welke afwerking je verwacht: klaar om te behangen of klaar om te schilderen. Valt er strijklicht op de wand, of wil je een bijna spiegelgladde muur, dan is een extra finishlaag de moeite waard. Sierpleister is nog een andere mogelijkheid, maar die geeft een fijn korrelig, mat oppervlak in plaats van een glad vlak.

Waar gipspleister past en waar niet

Gipspleister hoort in droge binnenruimtes: woonkamer, slaapkamers, kinderkamer, hal, overloop en bureau. Gips kan tijdelijk vocht uit de lucht opnemen en later weer afgeven, wat bijdraagt aan een prettig binnenklimaat.

Kies een andere oplossing als:

  • Het om een buitenmuur of een onverwarmde ruimte gaat, daar wordt geen gips gebruikt
  • De ruimte blijvend vochtig is, zoals een inloopdouche, wasplaats of kelder
  • Er opstijgend vocht of zoutuitslag in het metselwerk zit, wat je vaak ziet in oudere woningen van voor 1970 zonder vochtkering
  • De wand veel te verduren krijgt, bijvoorbeeld in een garage of werkplaats

In die gevallen gebruikt de vakman kalkcementpleister of saneerpleister, of worden de wanden afgewerkt met gipsplaat. In een gewone badkamer staan fabrikanten gipspleister vaak toe buiten de plekken waar direct water op komt. Rond de douche heb je een waterdichte laag of een ander soort pleister nodig, en meestal ook tegels van een tegelzetter. Controleer dit altijd in het technische blad van het product dat gebruikt wordt.

Wat het werk makkelijker of lastiger maakt

Hoeveel werk er in een klus zit, hangt vooral af van:

  • De staat van de ondergrond: nieuw, vlak metselwerk is eenvoudig, oude wanden met loszittend pleisterwerk moeten eerst worden afgekrabd of afgekapt
  • Oneffenheden: hoe schever de wand, hoe dikker de laag en hoe meer materiaal
  • De vorm van de ruimte: nissen, schuine wanden onder het dak, dagkanten en veel hoeken betekenen meer handwerk
  • Het aantal finishlagen en hoe glad het resultaat moet zijn
  • Machinaal of handmatig werken
  • De bereikbaarheid: een hoge verdieping zonder lift, of geen water en stroom op de plek zelf

In oudere woningen komt er vaak afbraakwerk en het uitvlakken van wanden bij. Hoe groot de klus echt is, kan een plafonneerder pas ter plaatse goed inschatten.

Typische fouten die pas na het schilderen zichtbaar worden

In de praktijk ziet een wand er voor het schilderen vaak prima uit, en komen de fouten pas onder de verf tevoorschijn. De meest voorkomende oorzaken:

  • Pleisteren op vochtig of nog niet uitgehard metselwerk
  • Geen voorstrijkmiddel, waardoor plekken die meer of minder zuigen verschillend drogen en vlekken geven
  • Met onderbrekingen werken, wat zichtbare aanzetten oplevert
  • Werken bij een te lage temperatuur: fabrikanten raden meestal af om onder 5 °C te pleisteren
  • Het drogen versnellen met heteluchtkanonnen of tocht, wat tot scheuren leidt
  • Pleisteren terwijl in huis net de chape is gegoten en de lucht vol vocht zit
  • Een finishlaag aanbrengen op pleister die nog niet droog is

Als vuistregel voor het drogen wordt vaak ongeveer een dag per millimeter laagdikte genoemd, bij goede ventilatie en kamertemperatuur. Geef de wanden voor het schilderen dus de tijd en gebruik altijd een voorstrijkmiddel onder de verf.

Zelf doen: een kleine wand glad afwerken

Een volledige pleisterlaag laat je beter over aan een plafonneerder, maar een kleinere wand met de hand van een dunne finishlaag voorzien lukt je ook zelf. Voor plafonds en werk op hoogte kun je beter een vakman inschakelen.

  1. Losse delen, stof en vet van de wand verwijderen.
  2. Grotere gaten en scheuren dichtzetten met herstelplamuur en laten drogen.
  3. De wand voorstrijken volgens de aanwijzingen van de fabrikant van de finish.
  4. De finish precies volgens de verpakking met water aanmaken, en niet meer dan je kunt verwerken.
  5. Een dunne laag aanbrengen met een roestvrijstalen spaan, in schuine halen.
  6. Als het materiaal iets is aangetrokken, het oppervlak met een volgende haal gladzetten.
  7. Na het drogen de wand met strijklicht controleren en oneffenheden licht schuren.
  8. Zo nodig een tweede laag aanbrengen en opnieuw laten drogen.

Zo controleer je de afgewerkte wanden

Bekijk de wand bij de oplevering met strijklicht, bijvoorbeeld met een lamp die je tegen de muur houdt, en let op:

  • Vlakheid, gecontroleerd met een lange lat, zonder duidelijke kuilen of bollingen
  • Rechte, strakke hoeken en randen rond ramen en deuren
  • Een oppervlak zonder scheuren, gaatjes, krassen of sporen van de spaan
  • Een gelijkmatige kleur zonder donkere, vochtige plekken
  • Nette aansluitingen bij plafond, vloer en raam- en deurkaders
  • Afgedekte en onbeschadigde stopcontacten, ramen en vloeren
  • Duidelijke informatie van de plafonneerder over wanneer je kunt schilderen en welk voorstrijkmiddel je gebruikt

Veelgestelde vragen

Niet altijd. Goed gladgezet machinaal gipspleister kun je vaak direct schilderen. Een finishlaag is zinvol als je een heel glad oppervlak wilt of als er strijklicht op de wand valt, dat elke oneffenheid zichtbaar maakt.

Gerelateerde werkzaamheden

Bereken het hele project, niet alleen één werkzaamheid

In de prijslijst bouwwerkzaamheden kiest u posten uit alle vakgebieden en NUMIQ maakt er een offerte van die klaar is voor de klant.