Prijslijst 2026 · Nederland

Bitumen brandend aanbrengen op een verticaal vlak, één laag

Bij deze klus wordt een gemodificeerde bitumen baan met een propaanbrander verwarmd en over het hele oppervlak op een muur geplakt. Meestal gaat het om de buitenwanden van een kelder of souterrain, de funderingsmuur onder het maaiveld, de dakopstand van een plat dak tegen een dakrand of een opgaande gevel, en keermuren.

Bijgewerkt 09/2026·13 min read·2 price list items
Prijs standaardwerk
€ 27,60/ m²
Indicatieve bandbreedte
€ 22,08 - € 35,88
60 m² appartement
€ 4140,00
Prijs alleen voor deze specifieke werkzaamheid - zonder materiaal en zonder voorbereidend werk. Dit is niet de prijs van de complete klus.
Bereken mijn renovatie
Actuele prijzen

Bereken het werk met de prijslijst

Vul de hoeveelheden in en de prijs wordt direct herberekend. Prijsniveau: Nederland. In uw prijslijst kunt u de tarieven zelf aanpassen.

Dakbedekking, lood- en zinkwerk2 posten

Alle getoonde prijzen zijn exclusief btw. De arbeidsprijs is alleen arbeid. De prijs incl. materiaal omvat ook hulpmaterialen (lijm, voorstrijk, kitten, bevestigingsmiddelen). Wand- en vloertegels, vloeren, verf en sanitair kiest en koopt de klant zelf, die zitten niet in de prijs.

PostEenheidPrijs / eenheidHoeveelheidTotaal
Waterdichting
Dakleer branden, verticaal oppervlak (1x laag)m²€ 27,60-
Dakleer branden, horizontaal oppervlak (1x laag)m²€ 16,95-
Totaal arbeid
- vul hoeveelheid in
Offerte maken vanuit prijslijst →

Waar verticale bitumen wordt gebrand en wat het moet tegenhouden

Verticale bitumen heeft één hoofdtaak: voorkomen dat water of vocht uit de grond het metselwerk of beton binnendringt. Op een dak zorgt de opstand ervoor dat water dat over het dakvlak loopt niet achter de dakbedekking langs de muur of dakrand wegloopt. Typische plekken zijn:

  • Buitenwanden van kelders en souterrains, voordat de bouwput wordt aangevuld
  • Funderingsmuren en de plint van de woning, waar de verticale laag aansluit op de horizontale waterkering
  • De binnenzijde van een dakrand of opstand van een plat dak
  • De aansluiting van een dakterras of balkon op de gevel
  • Keermuren, putten en schachten aan de buitenzijde

Waarom met de brander? Een gebrande baan hecht over het hele vlak aan de ondergrond. Er ontstaan geen holtes waar water doorheen kan lopen, en in de naden smelt het bitumen samen tot één geheel. Als het goed is gedaan, vormen de losse banen een doorlopende laag zonder zwakke plekken bij de overlappen.

In oudere Nederlandse woningen zie je onderin de gevel vaak een trasraam: een paar lagen dicht metselwerk die opstijgend vocht moesten afremmen. Bij een renovatie van een kelder of souterrain wordt daar soms alsnog een bitumen laag tegen de buitenzijde aangebracht, omdat het trasraam niet meer goed werkt of omdat het maaiveld in de loop der jaren is opgehoogd.

Wanneer één laag volstaat

Eén gebrande laag wordt meestal toegepast tegen grondvocht en tegen water dat niet drukt, dus water dat naar beneden zakt en wordt afgevoerd door drainage of een doorlatende aanvulling. Ook bij een dakopstand is één laag vaak voldoende als dat past bij de opbouw van het dak. In grote delen van Nederland staat het grondwater echter hoog. Ligt de keldervloer onder het grondwaterpeil, of blijft na regen het water rond de fundering staan in kleigrond, dan heb je te maken met drukkend water. Dan wordt meestal gekozen voor twee lagen, een ander systeem of een waterdichte betonkuip. Die keuze hoort bij de constructeur of adviseur op basis van de bodem en het grondwater, niet bij de vakman met de brander. Weet je niet welk water er bij jouw huis speelt, vraag het dan voordat er wordt gebrand.

Hoe het werk stap voor stap verloopt

De aanpak verschilt iets tussen een kelderwand in een bouwput en een dakopstand, maar het principe is hetzelfde.

  1. De ondergrond controleren: vast, droog, vlak, zonder scherpe uitsteeksels, specieresten en stof. Scherpe randen worden afgerond of afgeschuind.
  2. Een kim maken, dus een schuine of holle overgang in de hoek tussen horizontaal en verticaal vlak, van mortel of met een geprefabriceerde hoekkeg. Zo hoeft de baan geen scherpe hoek van 90 graden te maken.
  3. De ondergrond voorstrijken met een bitumen primer en die laten drogen volgens de fabrikant, meestal enkele uren.
  4. De banen op lengte snijden: muurhoogte plus de overlap op het horizontale vlak en de afwerking bovenaan.
  5. De baan oprollen, onderaan tegen de muur zetten, de onderkant van de baan en de ondergrond verwarmen en de baan geleidelijk naar boven afrollen. Met een roller of spaan aandrukken, zodat hij over het hele vlak hecht.
  6. Bij hogere muren de baan bovenaan tijdelijk of blijvend mechanisch bevestigen, zodat hij niet afzakt zolang hij warm is.
  7. De zijnaden zo branden dat er aan de rand een dun, doorlopend randje bitumen uitvloeit, meestal ongeveer een halve centimeter.
  8. Binnen- en buitenhoeken, leidingdoorvoeren en ankers afwerken met extra stukken van dezelfde baan.
  9. De bovenrand afwerken met een klem- of afsluitprofiel, dat vastzetten en de naad erboven afdichten met een blijvend elastische kit die geschikt is voor bitumen.
  10. De naden controleren en het hele vlak fotograferen voordat de beschermlaag ertegen komt.

Aansluiting op de horizontale laag

Het gevoeligste punt van een verticale laag is de onderkant, waar die samenkomt met de laag onder de fundering of op het dak. De horizontale baan wordt meestal een paar centimeter tegen de muur omhoog gezet en de verticale baan overlapt die, of andersom, afhankelijk van de volgorde van werken. Belangrijk is dat de overlap breed genoeg is, ongeveer 10 tot 15 cm, en zonder onderbreking is gebrand. Bij kelders zie je vaak dat de horizontale laag maar een klein stukje onder de vloer uitsteekt en onder de modder zit. Zo'n rand moet eerst schoon, droog en voorgestreken zijn, anders plakt de verticale baan alleen aan vuil.

Voorbereiding: wat klaar moet zijn als de ploeg komt

Een groot deel van de problemen ontstaat al voordat de brander aangaat. Zorg dat dit geregeld is:

  • De muur is af en het beton of de pleisterlaag heeft de tijd gehad om uit te harden en te drogen volgens de fabrikant; vers beton bevat veel water en daarop hecht de baan niet
  • Bij een kelder is de bouwput breed genoeg om veilig bij de muur te staan en met de brander te werken, en de taluds of beschoeiing zijn beveiligd tegen afschuiven
  • Bij een dakrand is er een steiger of een veilige toegang met valbeveiliging
  • Brandbare materialen in de buurt zijn weggehaald, vooral EPS, hout, folie en verpakkingen
  • Doorvoeren voor water, riool en kabels zijn vooraf geplaatst; achteraf boren door een afgewerkte laag is altijd een zwakke plek
  • Het is duidelijk waarmee de laag na afloop wordt beschermd en wie dat doet

Het weer speelt een grote rol, en in Nederland is dat geen kleinigheid. Bij regen, mist of op een bedauwde ondergrond kun je niet branden: vocht onder de baan wordt stoom en geeft blazen. Bij lage temperaturen is bitumen stugger en kan de baan bij het buigen scheuren. Fabrikanten geven daarom een minimale verwerkingstemperatuur op. SBS-banen zijn meestal bij kouder weer te verwerken dan geoxideerde banen, maar ook dan geldt wat in het technisch blad staat.

Materialen en varianten: welke baan op een muur

Op verticale vlakken worden tegenwoordig vrijwel alleen gemodificeerde brandbare bitumen banen gebruikt, meestal rond de 4 mm dik. De verschillen zitten vooral in het soort bitumen, de inlage en de afwerking van het oppervlak.

Soort bitumen

  • SBS-gemodificeerd bitumen (elastomeer) is soepel, kan goed tegen bewegingen van de ondergrond en tegen kou, en wordt op muren en details het meest gekozen
  • APP-gemodificeerd bitumen (plastomeer) kan beter tegen hitte en zon, maar is stugger en past minder goed bij hoeken en een oneffen muur
  • Geoxideerd bitumen is de minst soepele groep en wordt voor verticaal branden nog maar zelden gebruikt

Inlage

De inlage bepaalt de sterkte en rek van de baan. Een polyester inlage is soepel en scheurvast, en heeft daarom de voorkeur bij kelders en op plekken waar het gebouw kan bewegen. Glasvlies of glasweefsel is maatvaster, maar kan bij beweging van de ondergrond eerder scheuren. Een baan met glasinlage is zinvol waar de ondergrond stabiel is en zetting niet te verwachten is.

Oppervlak

Een baan met fijne bestrooiing of een dunne folie bovenop past onder de grond en achter isolatie. Op een dakopstand die in de zon blijft, wordt een baan met leislag gebruikt, die het bitumen beschermt tegen uv-licht, of de opstand wordt afgedekt met een daktrim of muurafdekker. Blijft een onbeschermde baan in de zon, dan veroudert het bitumen en gaat het barsten.

Wanneer je beter niet brandt

Waar EPS-isolatie, houten constructies of kunststof kozijnen dichtbij zitten, is een open vlam een risico. EPS smelt door de hitte en er kan brand ontstaan. Op zulke plekken worden zelfklevende bitumen banen of koud aangebrachte bitumen coatings gebruikt, of wordt de volgorde zo gekozen dat er wordt gebrand voordat de isolatie erop komt. Bij de plint van een geïsoleerde woning is dat een vaste vraag die je vooraf moet beantwoorden. Veel verzekeraars stellen bovendien eisen aan werken met open vuur, vooral op daken. Vraag de uitvoerder hoe hij daarmee omgaat.

Verticaal of horizontaal: waarin deze post verschilt

In de prijslijst staat een aparte post voor één laag bitumen brandend aanbrengen op een horizontaal vlak. Het materiaal is vaak hetzelfde, maar het werk op een muur is anders en trager. De verschillen op een rij:

  • Op een horizontaal vlak wordt de hele rol in één keer uitgerold en met de voet of een roller aangedrukt; op een muur wordt met gesneden stukken gewerkt die elk apart worden verwarmd en aangedrukt
  • Op een muur werkt de zwaartekracht: de warme baan wil afzakken en bovenaan loslaten, en heeft daarom mechanische bevestiging en een afsluitprofiel nodig
  • Op een muur zitten per vierkante meter meer naden, hoeken en doorvoeren, en elk detail kost tijd en vakmanschap
  • De vakman werkt in een ongemakkelijke houding, in een bouwput of op een steiger, en ziet minder goed of het bitumen in de naad mooi is uitgevloeid
  • Op een horizontaal vlak blijft water staan en worden vooral de naden belast; op een muur loopt water af, dus de juiste richting van de overlappen en een goede bovenafwerking zijn doorslaggevend
  • Een verticale laag moet direct na afloop worden beschermd tegen schade bij het aanvullen; een horizontale laag wordt meestal afgedekt door beton, een dekvloer of de volgende laag van de opbouw

In de praktijk staan bij een kelder dus beide posten in de begroting: het horizontale vlak onder of op de vloer en het verticale vlak rondom de wanden. Bij een plat dak is het grootste deel horizontaal en is het verticale deel alleen een strook langs dakranden en gevels, maar juist daar wordt vaak bepaald of het dak lekt. Meet het verticale vlak over de volledige uitgeslagen hoogte, inclusief de overlap op het horizontale deel en de bovenafwerking, en niet alleen tot het maaiveld.

Wat het werk makkelijker of lastiger maakt

De omvang van het werk hangt niet alleen af van het aantal vierkante meters. De moeilijkheid wordt vooral bepaald door:

  • De hoogte van de muur: bij hogere muren moet de baan worden verlengd of bevestigd en wordt vanaf een steiger gewerkt
  • Het aantal hoeken, verspringingen, penanten en doorvoeren: een lange rechte muur gaat veel sneller dan een grillige plattegrond
  • De staat van de ondergrond: oud metselwerk zonder uitvlaklaag moet eerst worden bepleisterd of uitgevlakt
  • Het verwijderen van oude lagen, coatings en grond bij renovatie
  • De bereikbaarheid: een smalle sleuf langs de erfgrens of een dakrand zonder steiger vertraagt het werk flink
  • Brandbare materialen en kozijnen in de buurt, die beschermd moeten worden of om een andere techniek vragen
  • Het weer: bij vocht en kou ligt het werk stil

Bij de renovatie van een oud huis kost het uitgraven, schoonmaken en uitvlakken van de muur vaak de meeste tijd; het branden zelf gaat daarna vrij vlot. Bij nieuwbouw met een strakke betonwand of kalkzandsteen is het omgekeerd.

Wie ervoor en erna komt en wat je afspreekt

De verticale laag zit midden in een keten van werk. De kwaliteit hangt af van hoe goed de vakmensen onderling afspreken.

  • Met metselaar en betonploeg: vlakke ondergrond, afgeronde randen, een kim in de hoek en voldoende uitgehard beton
  • Met loodgieter, installateur en erkend elektricien: alle doorvoeren vooraf plaatsen, het liefst met een afdichtmanchet of flens waarop de baan kan aansluiten
  • Met wie de kelder isoleert: de lijm voor perimeterisolatie moet geschikt zijn voor bitumen, want lijmen op oplosmiddelbasis tasten bitumen aan
  • Met wie de put aanvult: pas aanvullen na controle, zonder stenen direct tegen de muur, laag voor laag
  • Op het dak met de dakdekker of zinkwerker: de daktrim of muurafdekker moet de bovenkant van de opstand zo afdekken dat er geen water achter de baan kan lopen

Woon je in een appartement, dan beslist de Vereniging van Eigenaars (VvE) over werk aan de kelder of het dak, omdat die tot de gemeenschappelijke delen horen. Leg plannen dus eerst daar voor.

Typische fouten en hoe ze later opvallen

Fouten in een verticale laag zijn verraderlijk, want na het aanvullen ziet niemand ze meer. Ze komen pas aan het licht als natte plekken, zoutuitbloei of schimmel in de kelder, soms jaren later.

  • Niet voorgestreken of stoffige ondergrond: de baan hecht alleen aan het oppervlak en laat na verloop van tijd los
  • Te weinig verwarmd: de baan plakt alleen plaatselijk en erachter ontstaan kanaaltjes voor water
  • Te veel verwarmd: de inlage verbrandt, het bitumen loopt weg en de baan verliest daar zijn sterkte
  • Geen mechanische afwerking bovenaan: de baan laat los, klapt om en water loopt erachter
  • Bovenrand onder het maaiveld: water van de plint loopt erachter; de laag hoort meestal boven het maaiveld te eindigen
  • Scherpe hoek zonder kim: de baan sluit in de hoek niet aan en scheurt bij zetting
  • Te korte of verkeerd gerichte overlappen: water loopt de naad in
  • Doorvoeren alleen afgekit: de kit wordt hard en laat los
  • Aanvullen met puin en stenen direct tegen de baan, zonder beschermlaag
  • Eén laag waar drukkend water staat

Bescherming na afloop is een apart, maar onmisbaar onderdeel. Onder de grond komt meestal noppenfolie met de noppen naar de grond, perimeterisolatieplaten of een andere beschermlaag. Het aanvullen gebeurt in lagen en wordt voorzichtig verdicht, zodat de laag niet verschuift of wordt doorgeprikt.

Hoe lang het duurt en waar je op let

Het branden zelf is klaar zodra de baan is afgekoeld, meestal binnen enkele minuten. De totale duur hangt af van de voorbereiding. Primer heeft volgens de fabrikant enkele uren tot ongeveer een dag nodig om te drogen, bij kou en vocht langer. Verse pleister of een uitvlaklaag moet droog zijn voordat er wordt voorgestreken. Beton van nieuwe muren heeft tijd nodig om overtollig vocht kwijt te raken, meestal enkele weken.

Op een muur haalt een ploeg per dag minder meters dan op een horizontaal vlak, omdat er meer details zijn. Bij een woning met een eenvoudige plattegrond en een strakke wand is een kelder vaak in een paar dagen gedaan; bij een grillige plattegrond en oud metselwerk moet je op meer tijd rekenen. Vul niet direct na afloop aan, maar laat de laag eerst controleren en fotograferen.

Over veiligheid: bij werken met open vuur hoort een brandblusser binnen handbereik, en na afloop wordt de plek nog een tijd gecontroleerd op smeulende resten. Propaanflessen blijven niet in de bouwput staan, omdat het zwaardere gas zich onderin ophoopt. Ruik je gas of ontstaat er brand, verlaat dan de plek en bel 112.

Doe-het-zelfgids: de ondergrond voorbereiden

Het branden op een muur laat je over aan de vakman. Werken met een brander in een bouwput of op een steiger is riskant en een fout is achteraf moeilijk te vinden. Met de voorbereiding kun je de ploeg wel goed helpen, en dan weet je ook zeker dat de baan iets heeft om op te hechten.

  1. Grond langs de muur afgraven tot de afgesproken diepte, alleen zo ver als veilig is; een diepere put met beschoeiing overlaten aan een bedrijf.
  2. De muur met een staalborstel ontdoen van grond, oude coatings en losse delen en laten drogen.
  3. Uitstekende specie verwijderen en scherpe randen afronden.
  4. Grotere gaten en voegen vullen met reparatiemortel en die laten uitharden volgens de fabrikant.
  5. Stof van de muur en van de horizontale rand van de fundering vegen of zuigen.
  6. De muur met kwast of roller gelijkmatig en dun voorstrijken met bitumen primer, alleen na overleg met de uitvoerder over het soort primer.
  7. De primer laten drogen volgens het technisch blad en beschermen tegen regen en stof.
  8. EPS, hout en andere brandbare materialen uit de omgeving weghalen.

Het werk opnemen bij oplevering

Doe de opname voordat de laag wordt afgedekt. Loop de hele muur langs en probeer de randen van de naden voorzichtig met een botte plamuurmes; ze mogen niet omhoog te wippen zijn. Controleer bij de oplevering:

  • De baan is over het hele vlak gebrand, zonder blazen, plooien of loszittende randen
  • Bij de zijnaden is een doorlopend randje uitgevloeid bitumen te zien
  • De overlappen zijn breed genoeg en zo gelegd dat water eroverheen loopt en niet erin
  • In de hoek zit een kim en de baan sluit daar zonder holte aan
  • Hoeken en doorvoeren zijn met extra stukken afgewerkt en sluiten goed aan
  • De overlap onderaan op de horizontale laag is doorlopend en gebrand
  • De bovenrand is afgewerkt met een profiel, vastgezet en afgekit
  • De laag eindigt boven het toekomstige maaiveld of onder de daktrim of muurafdekker
  • Er zijn geen doorgebrande plekken of beschadigingen
  • Je hebt foto's van het hele vlak en de details en de gegevens van de gebruikte baan

Veelgestelde vragen

Dat is geen goed idee. Vocht in de ondergrond wordt door de hitte stoom, er ontstaan blazen en de baan hecht niet. De ondergrond moet droog zijn en het beton uitgehard volgens de aanwijzingen van de fabrikant van baan en primer.

Gerelateerde werkzaamheden

Blog

Bereken het hele project, niet alleen één werkzaamheid

In de prijslijst bouwwerkzaamheden kiest u posten uit alle vakgebieden en NUMIQ maakt er een offerte van die klaar is voor de klant.