Prijslijst 2026 · België

Afsluitingspaal plaatsen tot 3,8 m hoogte

Een paal met een lengte tot 3,8 meter is de hoogste van de gangbare afsluitingspalen in de prijslijst. Voor een gewone tuinafsluiting gebruik je hem niet. Hij komt in beeld bij hoog draadgaas rond een sportveld of tennisterrein, bij ballenvangers, bij een hoge afsluiting met privacy- of windbreekdoek

Bijgewerkt 09/2026·13 min read·22 price list items
Prijs standaardwerk
€ 64,40/ st
Indicatieve bandbreedte
€ 51,52 - € 83,72
Prijs alleen voor deze specifieke werkzaamheid - zonder materiaal en zonder voorbereidend werk. Dit is niet de prijs van de complete klus.
Bereken mijn renovatie
Actuele prijzen

Bereken het werk met de prijslijst

Vul de hoeveelheden in en de prijs wordt direct herberekend. Prijsniveau: België. In uw prijslijst kunt u de tarieven zelf aanpassen.

Funderingen en omheiningen22 posten

Alle getoonde prijzen zijn exclusief btw. De arbeidsprijs is alleen arbeid. De prijs incl. materiaal omvat ook hulpmaterialen (lijm, voorstrijk, kitten, bevestigingsmiddelen). Wand- en vloertegels, vloeren, verf en sanitair kiest en koopt de klant zelf, die zitten niet in de prijs.

PostEenheidPrijs / eenheidHoeveelheidTotaal
Schuttingen
Schuttingpaal plaatsen tot 3,8 mst€ 64,40-
Betonnen tuinmuurblokken metselenst€ 7,35-
Hekpilaren metselenstr.m€ 40,50-
Betonschutting plaatsen tot 1,8 mstr.m€ 36,80-
Betonschutting plaatsen tot 2,1 mstr.m€ 42,30-
Betonschutting plaatsen tot 2,4 mstr.m€ 44,15-
Tuinmuur van bekistingsblokken DT 12/15m²-
Tuinmuur van bekistingsblokken DT 20/25m²-
Oude schutting verwijderenstr.m€ 16,20-
Schuttingpaal plaatsen tot 2,4 mst€ 46,00-
Schuttingpaal plaatsen tot 2,7 mst€ 51,50-
Schutting schoor plaatsen tot 2,7 mst€ 3,15-
Prikkeldraadarm plaatsenst€ 2,60-
Spandraad spannenstr.m€ 0,90-
Prikkeldraad spannenstr.m€ 1,40-
Schuttingframe plaatsenst-
Schuttingframe op maat plaatsenst-
Schuttingpanelen plaatsenst-
Gaasschutting plaatsen tot 1,4 mstr.m€ 4,60-
Gaasschutting plaatsen tot 1,8 mstr.m€ 4,95-
Gaasschutting plaatsen boven 3,0 mstr.m€ 6,80-
Hoekwapening aanbrengenst€ 1,85-
Totaal arbeid
- vul hoeveelheid in
Offerte maken vanuit prijslijst →

Wanneer je een paal tot 3,8 m nodig hebt

In prijslijsten slaat de "hoogte van de paal" meestal op de totale lengte van de paal, niet op de hoogte van de afsluiting boven de grond. Een deel van de paal zit in de betonnen fundering, doorgaans ongeveer 80 tot 100 cm. Bij een paal van 3,8 m blijft er boven de grond dus zo'n 2,8 tot 3 meter over. Vraag vooraf aan de aannemer hoe hij dat rekent. Een meter verschil verandert het hele project.

Typische situaties waarin deze variant zinvol is:

  • draadgaas rond een sportveld, tennisterrein of speelplaats, waar een bal niet over de afsluiting mag vliegen
  • een ballenvanger achter een doel of langs een straat, die de omgeving beschermt
  • een hoge afsluiting langs een drukke weg of naar de buren, waar de eigenaar privacy wil en het gaas aanvult met doek
  • een afsluiting met twee rijen gaas boven elkaar of met een prikkeldraadopzetstuk bij loodsen en bedrijfsterreinen
  • palen die een poort, een poortje of een poortmotor dragen en daarom langer en dieper verankerd moeten zijn dan de palen ernaast

Is je afsluiting boven de grond niet hoger dan ongeveer twee meter, dan maakt een hoge paal de fundering en het materiaal onnodig zwaarder. Kies dan voor een lagere variant.

Vergelijking met de varianten van 2,4 m en 2,7 m

Op het eerste gezicht doen alle drie hetzelfde: de paal gaat in een put en wordt ingegoten in beton. Het verschil zit in de krachten die de paal moet opvangen, en die stijgen met de hoogte sneller dan je zou denken. De wind werkt op het hele vlak van de afsluiting, en hoe langer de paal boven de grond, hoe groter de hefboom waarmee hij aan de fundering trekt.

  • Paal tot 2,4 m: een gewone tuinafsluiting met draadgaas of panelen tot ongeveer 1,5 à 2 m hoog. De fundering is kleiner, en een ervaren vakman met een helper plaatst de paal vanaf de grond, zonder ladder.
  • Paal tot 2,7 m: een afsluiting van rond de twee meter met wat reserve, bijvoorbeeld met een opzetstuk of op een helling waar hoogteverschillen opgevangen moeten worden. De fundering wordt zwaarder, maar de werkwijze blijft dezelfde.
  • Paal tot 3,8 m: een afsluiting van ongeveer drie meter hoog. De fundering moet dieper en breder zijn, de paal steviger, de schoorpalen talrijker en de afstand tussen de palen kleiner. Bij het plaatsen zijn minstens twee mensen nodig, een ladder om de bovenkant te controleren en tijdelijke stutten tot het beton uitgehard is.

In de praktijk is een paal van 3,8 m dus geen paal die "een stukje langer" is. Hij is zwaarder, lastiger te hanteren, elke afwijking van het lood valt bovenaan veel meer op en een fout in de fundering toont zich als een scheefstaand vak van de afsluiting. Reken bij deze variant daarom op meer tijd per stuk en op meer beton.

Profielen, materialen en funderingen

Welke paal kies je

Bij een hoge afsluiting telt vooral de stijfheid van het profiel. Een dunne ronde paal die bij een afsluiting van twee meter perfect volstaat, begint bij drie meter met doek erop door te buigen in de wind.

  • Ronde stalen palen, verzinkt en vaak geplastificeerd, zijn het meest gangbaar bij draadgaas. Voor een hoge afsluiting kies je een grotere diameter en een dikkere wand, meestal volgens het advies van de fabrikant van het systeem.
  • Kokerprofielen, rechthoekig of vierkant, zijn stijver. Bij een rechthoekig profiel draai je de lange zijde haaks op de afsluiting, zodat de paal beter weerstand biedt tegen de wind.
  • Palen voor panelensystemen komen bij deze hoogte minder voor, omdat panelen meestal lager zijn. Worden panelen boven elkaar gestapeld, volg dan de handleiding van de fabrikant.
  • Houten palen zijn in deze lengte zwaar en rotten in de grond. Wil je toch hout, laat de paal dan op een stalen paalanker boven de grond staan, niet in het beton.
  • Betonpalen zijn erg zwaar en bij drie meter boven de grond nauwelijks zonder machines te plaatsen.

Fundering in de grond

Meestal krijgt elke paal een eigen betonnen fundering. Bij een hoge paal graaf je de put ongeveer 80 tot 100 cm diep, dus onder de vorstgrens, en meestal minstens 30 cm breed. Bij poort- en hoekpalen maak je hem ruimer. Onderaan komt een paar centimeter grind, zodat water kan wegzakken. Gangbaar is beton van sterkteklasse C16/20 tot C20/25, ofwel ter plaatse gemengd, ofwel bij een groter aantal palen met een truckmixer geleverd. Kant-en-klare betonmortel in zakken is handig, maar voor diepe funderingen heb je er veel van nodig en moet je hem goed mengen en verdichten.

Paal in een gemetselde voet

Staat de afsluiting op een voet van bekistingsblokken, dan wordt de paal ingegoten in de holtes van de blokken of in de fundering eronder. Bij een hoge paal is het niet genoeg dat hij enkel in de blokken zit. Hij moet tot in de funderingsstrook reiken, anders duwt de wind tegen de bovenste rij blokken en kan hij die losscheuren.

Ankerplaat en grondschroeven

Een paal met een gelaste voetplaat kan je op bestaand beton verankeren, bijvoorbeeld op een muurtje. Bij een lengte rond 3,8 m werken er echter grote krachten op de ankers. Laat zo'n oplossing beoordelen door een ingenieur stabiliteit of minstens door de fabrikant van het systeem. Grondschroeven zijn snel en werken zonder beton, maar bij hoge afsluitingen met doek hangt hun draagkracht af van de grond en moet de fabrikant die bevestigen.

Wat je klaarzet voor de ploeg komt

De meeste problemen met hoge palen ontstaan niet bij het betonneren, maar al ervoor. Controleer daarom deze punten voor de werken beginnen:

  • Perceelgrens. Komt de afsluiting op de grens, laat dan de grenspunten uitzetten door een landmeter. Een ingegoten paal van drie meter verplaatsen is veel meer werk dan een lage.
  • Ondergrondse leidingen. Vraag de liggingsplannen op van elektriciteit, gas, water, riolering en telecom, in Vlaanderen via KLIP. Een put van bijna een meter diep kan een kabel of leiding raken.
  • Toegang. De palen zijn lang en moeten tot bij het tracé van de afsluiting geleverd en daar neergelegd worden. Wordt er met een motorgrondboor of een minigraver gewerkt, dan moet die tot bij de afsluiting kunnen.
  • Kabels en mantelbuizen. Plan je een poortmotor, verlichting of een bel, dan moeten de mantelbuizen in de grond zitten voor er beton gegoten wordt. De aansluiting zelf is werk voor een elektricien, en de installatie moet voldoen aan het AREI.
  • Oude afsluiting. Oude palen met betonnen voeten uitbreken is apart werk. Spreek af wie dat doet en waar het afval naartoe gaat.

Zo wordt de paal stap voor stap geplaatst

Op de werf gaat het meestal zo. Eerst wordt een koord langs het tracé gespannen en worden de plaatsen van de palen aangeduid. Bij een hoge afsluiting staan de palen dichter bij elkaar dan bij een lage, vaak ongeveer 2 à 2,5 meter uit elkaar, afhankelijk van het systeem en van het doek dat eventueel op de afsluiting komt. Eerst komen de hoek-, eind- en poortpalen, want daarop worden de andere uitgelijnd.

De putten worden met de hand, met een motorgrondboor of machinaal gegraven. Onderaan komt een laag grind. De paal wordt in de put gezet en onderlegd tot hij op de juiste hoogte staat. Bij een paal van drie meter controleer je de hoogte met een koord dat bovenaan tussen de hoekpalen gespannen is, of met een nivelleertoestel. Meten vanaf het maaiveld is niet betrouwbaar, want de grond is zelden vlak.

Dan volgt het belangrijkste moment: het lood. De paal wordt met de waterpas in twee richtingen gecontroleerd, langs de afsluiting en haaks erop. Bij deze lengte gebruik je best een lange waterpas of een schietlood, want een korte waterpas mist een afwijking die bovenaan centimeters scheelt. De paal wordt geschoord met twee of drie latten die in de grond steunen, zodat hij tijdens het betonneren en uitharden niet beweegt.

Het beton wordt in lagen gestort en verdicht met een staaf of door aan te stampen, zodat er geen holtes in de fundering blijven. Tijdens het storten wordt het lood opnieuw gecontroleerd, want het beton duwt de paal gemakkelijk scheef. De bovenkant van de fundering wordt afgewerkt als een lichte kegel weg van de paal, zodat water wegloopt en niet tegen het staal blijft staan.

Bij een hoge afsluiting horen ook schoorpalen. Ze komen op de hoeken, bij eind- en poortpalen, bij een richtingsverandering en op lange stukken ook tussendoor, afhankelijk van het systeem bijvoorbeeld ongeveer om de 25 meter. Een schoorpaal krijgt een eigen kleine fundering en wordt met een beugel of bout aan de paal bevestigd. Bij een afsluiting van drie meter is het aangewezen om een hoekpaal aan beide zijden te schoren.

Wat het werk makkelijker of moeilijker maakt

Dezelfde paal kan op het ene perceel half zoveel tijd vragen als op het andere. Het werk gaat vlotter op vlak terrein, in zachte leemgrond zonder stenen, met goede toegang voor de grondboor en een duidelijk uitgezette grens. Het helpt ook als de palen al klaarliggen en het beton langs het tracé gemengd kan worden.

Het werk wordt daarentegen lastiger door:

  • steenachtige of rotsachtige grond, waar de grondboor niet volstaat en er gehakt moet worden of zwaarder materieel nodig is
  • zware klei, die plakt en waarin regenwater in de put blijft staan
  • een hoge grondwaterstand, waardoor de put volloopt en het beton voorzichtiger gestort moet worden
  • een helling, waar de hoogtes van de palen getrapt moeten worden en de schoorpalen verschillende lengtes hebben
  • boomwortels, oude funderingen of resten van een vroegere afsluiting
  • leidingen in het tracé, waardoor er met de hand en traag gegraven moet worden
  • een smalle toegang, waarlangs de lange palen met de hand en over een grote afstand gedragen moeten worden

Bij hoge palen speelt ook het weer mee. Bij harde wind blijft een paal van drie meter moeilijk in het lood en kan vers beton eronder verschuiven. Bij vorst wordt er niet gebetonneerd, tenzij de fabrikant van het beton dat uitdrukkelijk toelaat.

Doe-het-zelfgids: een hoge paal in beton plaatsen

Een paal tot 3,8 m kan je zelf plaatsen als je handig bent en minstens één helper hebt. Alleen lukt het niet: de paal is lang en zwaar en kan iemand verwonden als hij omvalt. Vraag voor het graven de liggingsplannen van de leidingen op. Stoot je bij het graven op een gasleiding en ruik je gas, verlaat dan meteen de plek, gebruik geen open vuur of elektrische toestellen en bel 112 of de netbeheerder (Fluvius, Sibelga of ORES/RESA). Raak je een kabel, stop dan het werk en contacteer de netbeheerder.

  1. De perceelgrens en de liggingsplannen van de leidingen controleren.
  2. Een koord langs het tracé spannen en de plaatsen van de hoek- en tussenpalen aanduiden.
  3. Putten graven van ongeveer 80 tot 100 cm diep en minstens 30 cm breed, bij hoek- en poortpalen breder.
  4. Een laag grind op de bodem van de put strooien en aanstampen.
  5. De bovenkant van de paal afsluiten met een afdekkap, zodat er geen water in loopt.
  6. De paal met twee personen in de put zetten, de hoogte afstellen volgens het koord en onderleggen.
  7. Het lood in twee richtingen controleren met een lange waterpas en de paal schoren met latten.
  8. Het beton aanmaken volgens de handleiding van de fabrikant en in lagen storten en verdichten.
  9. Tijdens het storten het lood en de hoogte telkens opnieuw controleren.
  10. De bovenkant van de fundering afwerken als een kegel weg van de paal.
  11. Het beton laten uitharden, het bij warm weer de eerste dagen vochtig houden en de stutten laten staan.
  12. De schoorpalen plaatsen en het gaas pas spannen als het beton voldoende uitgehard is.

Controleer je de bovenkant van de paal vanaf een ladder, zorg dan voor een stabiele ladder en een tweede persoon die hem vasthoudt. Draagt de afsluiting een poortmotor of verlichting, laat het elektrische deel dan over aan een elektricien.

Typische fouten en hoe ze later opduiken

Bij hoge palen worden fouten niet vergeten. Wat bij een lage afsluiting onopgemerkt blijft, komt hier voor de eerste winter of de eerste storm aan het licht.

  • Te ondiepe fundering. De paal helt na een tijd over in de richting van de heersende wind, en vorst kan hem omhoogduwen. Bij een afsluiting van drie meter zie je dat al vanaf de straat.
  • Te smalle put. Is de put nauwelijks breder dan de paal, dan vormt het beton een dunne mantel en buigt de paal erin als in een buis.
  • Beton onder het maaiveld zonder afschot. Rond de paal ontstaat een kuiltje waarin water blijft staan. Het staal aan de voet roest sneller en vorst kan het beton aantasten.
  • Open bovenkant van de paal. Water loopt in de buis, bevriest in de winter en kan de paal openscheuren. Een afdekkap is een detail, maar een belangrijk.
  • Ontbrekende of te zwakke schoorpalen. Hoekpalen buigen na het spannen van het gaas naar binnen en het gaas komt los te hangen.
  • Gaas te vroeg spannen. Vers beton houdt de trekkracht van de spandraden niet en de paal verschuift. Het gaas wordt meestal pas na enkele dagen gespannen, bij koud weer nog later.
  • Doek zonder berekening. De eigenaar hangt achteraf windbreekdoek op een afsluiting die daar niet op voorzien was. De afsluiting gedraagt zich plots als een zeil en de palen hellen over.
  • Beschadigde zinklaag. Bij het inkorten van een paal komt het staal bloot. Zonder bijwerken met zinkspray begint de zaagsnede te roesten.

Hoe lang het duurt en wanneer je verder kunt

De tijd per paal hangt vooral af van de grond en de toegang. In zachte grond met een grondboor plaats je op een dag veel meer palen dan op een steenachtige helling waar met de hand gegraven wordt. Hoek- en poortpalen vragen meer tijd, omdat ze grotere funderingen en schoorpalen hebben en het uitlijnen nauwkeuriger moet.

Beton heeft tijd nodig. De eerste dagen na het storten mag de paal niet belast worden en blijven de stutten staan. Gaas, spandraden en doek worden meestal pas na ongeveer een week gemonteerd, bij koud weer later. Zijn volle sterkte bereikt beton doorgaans na ongeveer 28 dagen. Een zware poort of poortmotor hang je best pas op als het beton voldoende uitgehard is, volgens het advies van de leverancier van de poort.

Na de palen volgt de montage van het gaas of de netten, eventueel ook van de poort en de motor. Spreek de volgorde vooraf af, zodat de monteur van het gaas niet komt voor het beton uitgehard is en de elektricien erbij is wanneer de mantelbuizen gelegd worden.

Het afgewerkte werk controleren en opleveren

Controleer de palen nog voor het gaas gemonteerd wordt. Dan zie je alles goed en is een correctie eenvoudiger. Kijk vanaf het uiteinde van de afsluiting langs de rij palen: de toppen moeten een vloeiende lijn vormen en de palen moeten op één lijn staan. Controleer met een lange waterpas het lood bij enkele willekeurig gekozen palen. Loop bij de oplevering deze lijst door:

  • De palen staan op de afgesproken plaatsen en op één lijn volgens het koord
  • De toppen van de palen hebben dezelfde hoogte of volgen vloeiend de helling
  • Het lood klopt in beide richtingen, ook bij de hoek- en poortpalen
  • De tussenafstanden komen overeen met de afspraak en met het systeem van de afsluiting
  • De funderingen hebben de afgesproken diepte en breedte, liefst met foto's van het betonneren
  • Het betonoppervlak loopt af weg van de paal en er blijft geen water staan
  • Er staan schoorpalen op de hoeken, de uiteinden, bij de poort en bij richtingsveranderingen
  • Op de palen zitten afdekkappen en de zaagsneden zijn bijgewerkt
  • De mantelbuizen voor kabels liggen waar ze gepland waren
  • De palen bewegen niet als je er bovenaan met de hand tegen duwt
  • De omgeving is opgeruimd en de uitgegraven grond is afgevoerd of verspreid zoals afgesproken

Veelgestelde vragen

Meestal ongeveer 80 tot 100 cm, zodat de fundering onder de vorstgrens zit en de paal genoeg steun heeft tegen de wind. Bij poortpalen en in zwakkere grond maak je de fundering dieper of breder. De precieze diepte hangt af van het systeem van de afsluiting en van de grond op je perceel.

Gerelateerde werkzaamheden

Bereken het hele project, niet alleen één werkzaamheid

In de prijslijst bouwwerkzaamheden kiest u posten uit alle vakgebieden en NUMIQ maakt er een offerte van die klaar is voor de klant.