Bereken het werk met de prijslijst
Vul de hoeveelheden in en de prijs wordt direct herberekend. Prijsniveau: België. In uw prijslijst kunt u de tarieven zelf aanpassen.
Alle getoonde prijzen zijn exclusief btw. De arbeidsprijs is alleen arbeid. De prijs incl. materiaal omvat ook hulpmaterialen (lijm, voorstrijk, kitten, bevestigingsmiddelen). Wand- en vloertegels, vloeren, verf en sanitair kiest en koopt de klant zelf, die zitten niet in de prijs.
| Post | Eenheid | Prijs / eenheid | Hoeveelheid | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Betonwerk | ||||
| Plaatfunderingen storten, 150 mm dik | m² | € 14,35 | - | |
| Strokenfunderingen storten in sleuf | m³ | € 73,60 | - | |
| Werkvloer storten en afreien | m² | € 14,70 | - | |
| Plaatfunderingen storten, 100 mm dik | m² | - | ||
| Plaatfunderingen storten, 200 mm dik | m² | - | ||
| Bekisting voor funderingen en wanden | m² | € 33,10 | - | |
| Bekisting voor vloerplaat (Doka/Peri systeem) | m² | - | ||
| Vloerplaatbekisting ontkisten | m² | € 10,65 | - | |
| Wapening aanbrengen en vlechten | t | € 644,00 | - | |
| Netwapening aanbrengen en vlechten 100×100 | m² | € 4,95 | - | |
| Netwapening aanbrengen en vlechten 150×150 | m² | € 5,50 | - | |
| Betonnen trap storten inclusief bekisting | m³ | - | ||
| Trapbekisting plaatsen | str.m | - | ||
| Trapbekisting verwijderen | str.m | € 22,10 | - | |
| Handmatig aangebrachte dekvloer tot 7 cm | m² | € 16,55 | - | |
| Machinaal aangebrachte dekvloeren - cementgebonden | m² | € 19,30 | - | |
| Machinaal aangebrachte dekvloeren - anhydriet (zelfnivellerend) | m² | € 21,70 | - | |
| Installatie van keramische balken en vulvloer | m² | € 36,80 | - | |
| Bitumineuze voorstrijklaag | m² | - | ||
| Bitumineuze vochtkering aanbrengen (IPA) | m² | - | ||
| Dilatatievoegen zagen | str.m | € 9,20 | - | |
| Betonvloer vlinderen | m² | € 8,30 | - | |
| Betonmortel pompen | m³ | - | ||
Wanneer volstaat 100 mm, wanneer 150 mm en wanneer 200 mm
De dikte van een plaat is geen kwestie van smaak. Ze hangt af van de belasting, het draagvermogen van de grond en, bij een woning, de berekening van de ingenieur stabiliteit. In de prijslijst staan drie gangbare diktes. Ze verschillen vooral in wat de plaat kan dragen en hoeveel beton erin gaat.
Plaat van 100 mm
Geschikt voor lichte constructies en vlakken zonder zware puntlasten: de vloer van een tuinhuis, een berging, een houtopslag of een terras waarop je alleen loopt. Vaak dient zo'n plaat ook als onderbeton onder andere lagen. Per vierkante meter heb je normaal 0,1 m³ beton nodig.
Plaat van 150 mm
Dit is de meest gebruikte dikte. Je kiest ze voor een garage voor een personenwagen, een atelier, een groter tuingebouw, een kleinere houtskeletbouw of een vloer waarop zwaardere dingen staan. Met een goed wapeningsnet en een stevig verdichte ondergrond draagt ze de gewone belasting zonder problemen. Je rekent ongeveer 0,15 m³ beton per m².
Plaat van 200 mm
Deze dikte zie je bij woningen op een funderingsplaat, onder gemetselde dragende muren, op zwakkere grond en onder zware machines. Vaak zitten er twee lagen wapening in en zijn de randen onder de dragende muren verdikt. Het verbruik ligt rond 0,2 m³ per m². Bij een woning bepaalt de ingenieur stabiliteit altijd de dikte, de betonklasse en de wapening. Volg dan het wapeningsplan en niet een vuistregel.
Wat klaar moet zijn voor de betonploeg komt
Een ploeg die aankomt bij een put die niet klaar is, moet wachten of stort op een slechte ondergrond. Geen van beide is een goed idee. Deze zaken horen klaar te zijn voor het storten.
Ondergrond en verdichting
Eerst gaan de teelaarde, wortels en zachte grond weg, tot op de vaste, ongeroerde grond. Daarna komt er een laag steenslag of menggranulaat, meestal 0/32 of 0/63, van ongeveer 150 tot 300 mm dik, afhankelijk van de grond. Die laag wordt met een trilplaat in lagen verdicht, niet in één keer over de volle dikte. Op klei of opgehoogde grond, wat in veel Vlaamse verkavelingen voorkomt, is een geotextiel onder het steenslag meestal verstandig. Zo drukt het steenslag niet weg in de grond.
Waarom wordt verdichting zo sterk benadrukt? Beton is sterk, maar alleen als het op een ondergrond ligt die niet beweegt. Zakt het steenslag later toch nog in, dan verliest de plaat haar steun en barst ze. Zulke scheuren duiken pas maanden later op, wanneer er al een vloer of muren op staan.
Bekisting en hoogte
De randen van de plaat worden gevormd door een bekisting uit planken, balken of systeemelementen. Bij platen met isolatie onderaan gebruikt men soms een verloren bekisting uit XPS. De bekisting moet stevig verankerd zijn, want vers beton duwt er hard tegen. De bovenkant wordt met een waterpastoestel of laser exact op hoogte gezet. Bij een plaat van 150 mm markeert de ploeg meestal ook een paar hulppunten midden in het vlak.
Wapening
Meestal gebruikt men gelaste wapeningsnetten. Belangrijk is dat ze niet op het steenslag liggen. Ze komen op kunststof of betonnen afstandhouders, zodat het beton ze langs alle kanten omhult. De betondekking bedraagt doorgaans 30 tot 50 mm, volgens het plan. Netten overlappen minstens één maas, bij een woning volgens het wapeningsplan. Bij een plaat van 200 mm met twee lagen houden stalen steunbokjes het bovenste net boven het onderste.
Doorvoeren, aardingslus en isolatie
Alles wat door de plaat moet, ligt er vooraf: riolering, wateraansluiting, wachtbuizen voor elektriciteit en internet, eventueel leidingen voor een warmtepomp. Bij een nieuwe woning hoort volgens het AREI een aardingslus in de fundering, meestal een koperen of verzinkte geleider die rondom de buitenmuren loopt. Die lus wordt vóór het storten gelegd en later door een erkend keuringsorganisme mee gecontroleerd bij de keuring van de installatie. Laat dit over aan een bekwame elektricien.
Bij een woning moet je vooraf weten waar de waterdichting en de isolatie komen. In Vlaanderen ligt de vloerisolatie vaak bovenop de plaat, bijvoorbeeld gespoten PUR met daarop de chape, maar soms gaat ze eronder. Dat bepaalt mee de hoogte van de plaat. In sommige streken, vooral in delen van Wallonië, is radon een aandachtspunt en voorziet het ontwerp een extra afdichting. Onder de plaat komt meestal een PE-folie, zodat de cementmelk niet in het steenslag wegloopt.
Toegang voor truckmixer en pomp
Een truckmixer is zwaar en heeft een stevige oprit nodig. Bij een rijwoning of een tuin achter het huis lukt het vaak niet om tot aan de bekisting te rijden. Dan is een betonpomp nodig. Spreek vooraf af waar de pomp komt te staan, of er geen bovengrondse kabels of bomen in de weg zitten en of je de buren moet verwittigen dat de straat even geblokkeerd is.
Hoe het storten op de werf verloopt
Als alles klaar ligt, gaat het snel en in een vaste volgorde. Een plaat van 150 mm van enkele tientallen vierkante meter is meestal in één voormiddag gestort.
- Controle vooraf: de ploeg kijkt de hoogtes van de bekisting, de wapening op de afstandhouders en de doorvoeren na. Bij een woning komt de architect of ingenieur vaak nog eens kijken.
- Bevochtigen: bij warm weer worden ondergrond en bekisting licht natgemaakt, zodat ze geen water uit het verse beton zuigen.
- Storten: het beton wordt gelijkmatig vanuit één hoek verdeeld, niet op één hoop die dan met de hark over grote afstand verspreid moet worden.
- Verdichten: met een trilnaald of trilbalk wordt de lucht uit het beton gedreven. Zo lopen ook de plekken rond de wapening en langs de bekisting goed vol.
- Afreien: een lat of trilbalk wordt over de bekisting en de hoogtepunten getrokken tot het vlak vlak ligt.
- Afwerken: afhankelijk van wat erop komt, blijft het oppervlak ruw, wordt het met de hand gladgestreken of na het opstijven machinaal gepolierd met een helikopter.
- Nabehandelen: zodra het oppervlak het toelaat, gaat er folie over of begint men te sproeien.
Voor machinaal polieren wacht men tot het beton zo ver opgesteven is dat je er bij een stap maar een paar millimeter in zakt. In de zomer is dat na enkele uren, in de lente en de herfst pas veel later. De ploeg blijft daarom soms tot de avond.
Beton, wapening en afwerking: de keuzes
Betonklasse
Voor kleine platen onder tuingebouwen gebruikt men vaak C16/20 of C20/25. Voor garages en woningen is C20/25 tot C25/30 gebruikelijk. Ligt de plaat buiten en krijgt ze vorst of strooizout, zoals een oprit naar de garage, dan moet het beton ook de juiste omgevingsklasse hebben volgens NBN EN 206 en de Belgische aanvulling daarop. Voor buiten met vorst en dooizouten is dat doorgaans EE4. Het ontwerp legt de klasse vast. Heb je geen ontwerp, dan helpt de betoncentrale je bij de bestelling als je zegt waarvoor de plaat dient.
Consistentie
Voor platen bestelt men meestal beton in consistentieklasse S3 of S4, dat zich vlot laat verdelen en verdichten. Op de werf hoort er geen water bij. Dunner beton is wel makkelijker te verwerken, maar wordt minder sterk en krimpt meer. Is vloeibaarder beton nodig, bijvoorbeeld voor de pomp, dan bestel je het met een hulpstof rechtstreeks bij de centrale.
Wapening: één net, twee netten of vezels
Eén wapeningsnet in het onderste derde tot de helft van de dikte volstaat bij de meeste platen van 100 en 150 mm. Twee netten, boven en onder, komen in dikkere en zwaarder belaste platen, typisch de 200 mm onder een woning. Vezelbeton met staal- of polypropyleenvezels beperkt kleine krimpscheurtjes en vervangt bij sommige industrievloeren het net. Bij de funderingsplaat van een woning beslist alleen de ingenieur daarover.
Afwerking volgens wat erop komt
Komt er metselwerk en een chape op, dan volstaat een vlak, licht ruw oppervlak. Moet de plaat zelf dienen als vloer van een garage of atelier, dan is machinaal polieren de moeite, eventueel met een instrooilaag die het oppervlak slijtvaster maakt. Op een buitenterras wordt het oppervlak vaak licht ruw geborsteld, zodat het niet glad is als het nat wordt.
Wat het werk makkelijker of moeilijker maakt
De prijslijst rekent per vierkante meter, maar twee platen met dezelfde oppervlakte kunnen heel anders uitvallen. Makkelijker wordt het bij:
- Goede toegang, waarbij de truckmixer tot aan de bekisting kan
- Een eenvoudige rechthoekige vorm zonder uitsprongen
- Volledige en gecontroleerde voorbereiding: ondergrond, bekisting, wapening en doorvoeren
- Mild weer, zonder vorst, hitte of regen
Moeilijker wordt het bij:
- Een betonpomp die nodig is, bijvoorbeeld bij een tuin achter een rijwoning of op een helling
- Een grillige vorm, verdikte randen en veel doorvoeren waarrond met de hand verdicht moet worden
- Een kleine hoeveelheid beton, waarbij de truck halfleeg rijdt en de centrale vaak een toeslag rekent
- Veeleisende afwerking, vooral machinaal polieren, waarvoor de ploeg moet wachten
- Werken in de winter of bij hitte, met beton met hulpstoffen, afdekken en langere nabehandeling
Een grotere dikte betekent meer beton en iets meer werk met verdichten. Bij een plaat van 200 mm met twee netten duren ook de controle en het storten zelf langer. In offertes staan steenslag, bekisting en wapening vaak als aparte posten. Kijk bij het vergelijken dus goed na wat elke offerte precies bevat.
Hoe lang het duurt en hoe je beton nabehandelt
De voorbereiding, dus uitgraven, steenslag, verdichten, bekisten en wapenen, duurt bij een plaat onder een garage of kleine woning doorgaans enkele dagen. Het storten zelf neemt meestal een halve tot een hele dag in beslag, afwerking inbegrepen.
Beton hardt geleidelijk uit. Na een à twee dagen kun je er voorzichtig op lopen. De bekisting gaat er meestal na twee tot drie dagen af. Met metselen begint men doorgaans na ongeveer een week, bij koud weer later. De ontwerpsterkte haalt beton normaal na 28 dagen. Wacht dus minstens zo lang met volle belasting, zoals een wagen in de garage.
Nabehandeling wordt vaak onderschat, terwijl ze het oppervlak bepaalt. Beton heeft water nodig om uit te harden. Verdampt dat te snel door zon en wind, dan barst het oppervlak en gaat het later stuiven. Hou de plaat daarom minstens de eerste zeven dagen vochtig: afgedekt met folie, met een geotextiel dat je natsproeit, of behandeld met een curing compound volgens de fabrikant. In de zomer sproei je niet met koud water in volle zon, maar 's ochtends en 's avonds.
Onder ongeveer +5 °C wordt alleen gestort met maatregelen: beton met een hulpstof, isolerend afdekken en nooit op een bevroren ondergrond. Bij hitte boven ongeveer +30 °C begin je beter vroeg in de ochtend.
Fouten die pas later zichtbaar worden
De meeste fouten zie je niet meteen. Op de dag van het storten ziet de plaat er mooi uit, het probleem komt een jaar later.
- Onvoldoende verdicht steenslag: de plaat zakt ongelijk, er ontstaan scheuren door de volle dikte en tegels of klinkers erop breken.
- Net dat op het steenslag ligt: de wapening zit niet in het beton maar eronder. Ze werkt niet en roest op termijn. De plaat gedraagt zich alsof er geen wapening in zit.
- Water toegevoegd op de werf: minder sterkte, meer krimp, meer scheuren en een stuivend oppervlak.
- Slecht trillen: grindnesten langs de randen en onder de wapening, waarlangs later vocht optrekt.
- Vergeten doorvoer: achteraf kernboren of kappen, waarbij wapening en waterdichting beschadigd raken.
- Oneffen vlak: bij lijmblokken moet de eerste laag uitgevlakt worden, bij een vloer is een dikkere chape nodig.
- Geen nabehandeling: een netwerk van fijne scheurtjes aan het oppervlak, soms al in de eerste dagen.
- Geen voegen bij grote buitenvlakken: bij terrassen en opritten scheurt het beton waar het zelf wil. Krimpvoegen worden daarom meestal binnen een à twee dagen na het storten ingezaagd.
Doe-het-zelfgids: kleine plaat onder een tuinhuis
De funderingsplaat van een woning laat je aan vakmensen over: het is een dragende constructie volgens een stabiliteitsberekening. Een kleine plaat van 100 tot 150 mm onder een tuinhuis, een berging of een plek voor de containers kun je wel zelf aan, als je een helper hebt en het beton bij een centrale bestelt. Grotere hoeveelheden met de hand mengen is uitputtend en geeft ongelijkmatig beton.
- Het vlak uitzetten met touw en piketten en de diagonalen nameten.
- De teelaarde afgraven tot ongeveer de dikte van de plaat plus de steenslaglaag.
- Steenslag aanvoeren en in lagen verdichten met een gehuurde trilplaat.
- Een bekisting uit planken plaatsen, met piketten verankeren en met waterpas of laser op hoogte zetten.
- PE-folie leggen en het wapeningsnet op afstandhouders plaatsen.
- Het volume berekenen: oppervlakte maal dikte, plus ongeveer 5 tot 10 % reserve.
- Beton van een geschikte klasse bestellen en de aanrit van de truckmixer afspreken.
- Het beton verdelen, doorprikken of trillen en afreien over de bekisting.
- Het oppervlak gladstrijken of ruw borstelen.
- De plaat afdekken met folie en minstens een week vochtig houden.
Draag bij het werken met vers beton handschoenen, rubberlaarzen en een veiligheidsbril. Cementmelk is sterk alkalisch en verbrandt de huid bij langer contact.
Controle en oplevering van de plaat
Bekijk de plaat een à twee dagen na het storten en nog eens voor de metselaars of vloerleggers beginnen. Bewaar de documenten goed, ze zijn nuttig voor later en bij een eventuele klacht.
- Afmetingen en diagonalen kloppen met het plan
- Hoogte van de bovenkant klopt met het referentiepunt
- Vlakheid gecontroleerd met een lat van twee meter, zonder grotere kuilen
- Alle doorvoeren zitten op hun plaats en zijn niet volgelopen of verschoven
- Aardingslus komt boven waar de elektricien ze nodig heeft
- Randen na het ontkisten zonder grindnesten of afgebroken hoeken
- Oppervlak zonder scheuren waarin je nagel blijft haken
- Leveringsbonnen van de betoncentrale met klasse en hoeveelheid overhandigd
- Foto's van wapening en doorvoeren voor het storten beschikbaar
- Nabehandeling afgesproken en nageleefd
Veelgestelde vragen
Kleine platen stort je beter in één keer. Bij grotere vlakken kun je in vakken werken, maar dan moet de werkvoeg vooraf gepland zijn, met wapening die erdoor loopt. Bij de funderingsplaat van een woning beslist de ingenieur daarover.
Vermenigvuldig de oppervlakte in vierkante meter met de dikte in meter. Bij een plaat van 150 mm is dat 0,15 m³ per m². Tel er ongeveer 5 tot 10 % bij voor oneffenheden in de ondergrond en verlies. Verdikte randen reken je apart mee.
Bijna altijd wel. De steenslaglaag spreidt de belasting, onderbreekt optrekkend vocht en zorgt voor een vlakke, draagkrachtige ondergrond. Rechtstreeks op leem of klei storten eindigt met verzakking en scheuren.
Lichte regen doet beton weinig kwaad als je het oppervlak meteen afdekt met folie. Een stevige bui kan cement uit het oppervlak spoelen en putjes achterlaten. Wordt onweer voorspeld, stel het storten dan uit, en hou altijd folie klaar.
Fijne krimpscheurtjes aan het oppervlak zijn meestal alleen een schoonheidsfout, zeker als er nog een chape of vloer op komt. Bredere scheuren door de hele plaat, of scheuren die met de tijd groter worden, wijzen op een probleem met de ondergrond of de wapening. Laat die beoordelen door een vakman.
Voor volle belasting wacht je doorgaans ongeveer 28 dagen, tot het beton zijn ontwerpsterkte heeft. Eerder kan een wagen afdrukken achterlaten of het jonge beton beschadigen, vooral aan de randen.
Gerelateerde werkzaamheden
Hoe een manueel aangebrachte chape tot 7 cm gelegd wordt, wat klaar moet zijn voor de ploeg komt, hoe lang ze droogt en hoe je ze controleert.
Hoe een machinale zandcementchape wordt gelegd, wat klaar moet zijn, welke dikte je kiest, hoe lang ze droogt en hoe je ze controleert.
Hoe een anhydriet gietchape machinaal gegoten wordt, wat klaar moet zijn, hoe lang ze droogt en wanneer je de vloerverwarming mag opstoken.
Hoe een betonvloer machinaal gevlinderd wordt: het juiste moment, wel of geen instrooilaag, zaagvoegen, nabehandeling en controle bij oplevering.
Zo worden funderingsstroken rechtstreeks in de sleuf gestort: voorbereiding, beton en wapening, werkwijze, nabehandeling, typische fouten en oplevering.
Hoe bekisting voor funderingen en betonwanden gemaakt wordt, welke systemen er zijn, wat je controleert voor het storten en wanneer je ontkist.
Blog
Bereken het hele project, niet alleen één werkzaamheid
In de prijslijst bouwwerkzaamheden kiest u posten uit alle vakgebieden en NUMIQ maakt er een offerte van die klaar is voor de klant.