Prijslijst 2026 · Nederland

Betonnen ondervloer storten en afreien

Een betonnen ondervloer is de eerste betonlaag van een vloer op de grond. Hij ligt op een verdicht zandbed of granulaat en draagt alles wat erboven komt: vochtwering, isolatie, de dekvloer en uiteindelijk tegels, pvc of een zwevende vloer.

Bijgewerkt 09/2026·12 min read·23 price list items
Prijs standaardwerk
€ 14,70/ m²
Indicatieve bandbreedte
€ 11,76 - € 19,10
60 m² appartement
€ 2205,00
Prijs alleen voor deze specifieke werkzaamheid - zonder materiaal en zonder voorbereidend werk. Dit is niet de prijs van de complete klus.
Bereken mijn renovatie
Actuele prijzen

Bereken het werk met de prijslijst

Vul de hoeveelheden in en de prijs wordt direct herberekend. Prijsniveau: Nederland. In uw prijslijst kunt u de tarieven zelf aanpassen.

Betonwerken23 posten

Alle getoonde prijzen zijn exclusief btw. De arbeidsprijs is alleen arbeid. De prijs incl. materiaal omvat ook hulpmaterialen (lijm, voorstrijk, kitten, bevestigingsmiddelen). Wand- en vloertegels, vloeren, verf en sanitair kiest en koopt de klant zelf, die zitten niet in de prijs.

PostEenheidPrijs / eenheidHoeveelheidTotaal
Betonwerk
Werkvloer storten en afreienm²€ 14,70-
Strokenfunderingen storten in sleufm³€ 73,60-
Plaatfunderingen storten, 100 mm dikm²-
Plaatfunderingen storten, 150 mm dikm²-
Plaatfunderingen storten, 200 mm dikm²-
Bekisting voor funderingen en wandenm²€ 33,10-
Bekisting voor vloerplaat (Doka/Peri systeem)m²-
Vloerplaatbekisting ontkistenm²€ 10,65-
Wapening aanbrengen en vlechtent€ 644,00-
Netwapening aanbrengen en vlechten 100×100m²€ 4,95-
Netwapening aanbrengen en vlechten 150×150m²€ 5,50-
Betonnen trap storten inclusief bekistingm³-
Trapbekisting plaatsenstr.m-
Trapbekisting verwijderenstr.m€ 22,10-
Handmatig aangebrachte dekvloer tot 7 cmm²€ 16,55-
Machinaal aangebrachte dekvloeren - cementgebondenm²€ 19,30-
Machinaal aangebrachte dekvloeren - anhydriet (zelfnivellerend)m²€ 21,70-
Installatie van keramische balken en vulvloerm²€ 36,80-
Bitumineuze voorstrijklaagm²-
Bitumineuze vochtkering aanbrengen (IPA)m²-
Dilatatievoegen zagenstr.m€ 9,20-
Betonvloer vlinderenm²€ 8,30-
Betonmortel pompenm³-
Totaal arbeid
- vul hoeveelheid in
Offerte maken vanuit prijslijst →

Wat een ondervloer doet en waarom de kwaliteit telt

Een ondervloer op zand is meestal geen dragende constructievloer zoals een verdiepingsvloer. Zijn taak is een stevig, vlak en doorlopend oppervlak op de ondergrond te maken. Zou je folie of isolatieplaten direct op zand of puin leggen, dan drukken scherpe korrels erdoorheen en verend lopen wordt het al snel.

Waarom is vlakheid belangrijk als er later toch een dekvloer overheen komt? Folie en vochtwering hebben een glad oppervlak nodig zonder scherpe randen en kuilen. Isolatieplaten van EPS of PIR gaan op een hobbelige vloer wiebelen en breken. En elke oneffenheid zie je terug in de dikte van de dekvloer: op de ene plek te dun en gevoelig voor scheuren, op de andere plek onnodig dik en traag drogend. Een goed afgereide ondervloer bespaart dus werk en materiaal in alle lagen erboven.

Een verwante toepassing is de werkvloer: een dunne laag mager beton onder funderingsstroken of een funderingsplaat. Die heeft meestal een lagere sterkteklasse en vooral als doel dat de wapening niet in de modder komt te liggen. Deze post richt zich op de ondervloer, maar het principe van storten en afreien is hetzelfde.

Wat klaar moet zijn voordat de ploeg komt

Storten is snel werk dat je niet kunt onderbreken. Staat de truckmixer voor de deur, dan moet al het andere klaar zijn. In de praktijk gebeurt het vaak dat de ploeg staat te wachten omdat een rioolsparing ontbreekt of de hoogtes nog niet zijn uitgezet.

Ondergrond en verdichting

  • Grond ontgraven tot de juiste diepte, zonder teelaarde, wortels en bouwafval
  • Zandbed of menggranulaat in lagen aangebracht en elke laag verdicht met een trilplaat, meestal in lagen van ongeveer 15 cm
  • Het oppervlak vlak afgewerkt, zonder kuilen, zodat het beton niet plaatselijk dubbel zo dik wordt
  • Bij klei, veen of een hoge grondwaterstand eerst met de constructeur overleggen over de opbouw, bijvoorbeeld een dikker zandpakket of een geotextiel

Veel delen van Nederland hebben een zettingsgevoelige bodem. Een ondervloer op slappe grond kan na een paar jaar zakken ten opzichte van een woning op palen. Bij een aanbouw tegen een bestaand huis is het daarom belangrijk dat de constructeur vooraf bepaalt hoe de vloer wordt opgelegd en waar een dilatatievoeg komt.

Leidingen onder de vloer

Alles wat onder de vloer loopt, moet vóór het storten liggen, gecontroleerd zijn en zijn aangevuld. Denk aan riolering, de waterleiding, mantelbuizen voor elektriciteit en soms een afvoer voor een vloerput. Sparingen die uit het beton steken, moeten zijn afgedopt en vastgezet zodat ze tijdens het trillen niet verschuiven. Achteraf hakken in een verse vloer is onnodig werk en een bron van scheuren. Laat de loodgieter of installateur de posities aftekenen en controleren voordat er beton komt.

Hoogtes, randen en bereikbaarheid

  • Een vast hoogtepunt op de muren, meestal een meterpeil, van waaruit de bovenkant van het beton wordt gemeten
  • Langs de muren een randisolatiestrook die de vloer van het metselwerk scheidt
  • Bereikbaarheid voor de truckmixer of betonpomp, of een plek waar het beton kan worden gestort en met kruiwagens verder kan
  • Water en stroom voor de triller en om het gereedschap schoon te spoelen
  • Geschikt weer: geen vorst en ook geen felle zon met harde wind

Zo verloopt het storten stap voor stap

Hoogte uitzetten

Eerst wordt bepaald waar de bovenkant van het beton komt. Op het zandbed worden geleiders gezet, ook wel reibanen genoemd. Dat kunnen stalen profielen zijn, houten balken of stroken beton die een dag eerder zijn gestort. In kleinere ruimtes volstaan hoogtepennen of betonklosjes die met een laser zijn ingesteld. De afstand tussen de geleiders hangt af van de lengte van de rei, meestal tot ongeveer 2 à 3 meter.

Folie en wapening

Op het zand komt volgens het bestek een PE-folie. Die voorkomt dat de ondergrond water aan het beton onttrekt en vermindert de wrijving, zodat de vloer bij het krimpen minder scheurt. Is er wapening voorgeschreven, dan worden wapeningsnetten met de juiste overlap gelegd en op afstandhouders gezet. Een net dat direct op de folie ligt, heeft nauwelijks nut: het eindigt onderin de vloer, waar het geen scheuren tegenhoudt.

Beton storten en verdelen

Het beton wordt gestort vanaf de verste hoek richting de uitgang, zodat niemand door het afgewerkte deel hoeft te lopen. Met schoppen of een betonhark wordt het verdeeld tot het iets boven de geleiders uitkomt. Beton hoort niet van grote hoogte te vallen of over lange afstanden te worden voortgetrokken, omdat het dan ontmengt: het grind scheidt zich van de cementpasta.

Verdichten en afreien

Bij de gangbare diktes van een ondervloer wordt meestal een trilbalk gebruikt. Die verdicht het beton en reit het tegelijk op hoogte af. Bij dikkere vloeren of dichte wapening komt er een naaldtriller bij. Op kleine oppervlakken wordt het beton ook met de hand aangestampt en afgereid met een aluminium rei, die je zijwaarts heen en weer beweegt terwijl je hem naar voren trekt. Waar na de rei een kuil achterblijft, wordt beton bijgevuld en opnieuw afgereid.

Oppervlak afwerken

Na het afreien wordt het oppervlak met een vlinderspaan of een spaan aan een lange steel gladgestreken, zodat strepen van de rei en kleine putjes verdwijnen. Onder een vochtwering of isolatie blijft het oppervlak meestal licht ruw, niet spiegelglad. Worden de geleiders verwijderd, dan worden de sleuven direct met beton gevuld en vlak gestreken.

Nabehandelen

Zodra het beton het toelaat, wordt het afgedekt met folie of nat gehouden. De eerste dagen bepalen of het oppervlak stofvrij en scheurvrij blijft. Meer over de uithardingstijd lees je verderop.

Beton, wapening en dikte: welke varianten er zijn

Sterkteklasse en consistentie

Voor een ondervloer wordt meestal betonmortel in sterkteklasse C20/25 gebruikt, in een garage of onder zwaardere belasting vaak een klasse hoger. Een werkvloer onder funderingen heeft meestal een lagere klasse. Leidend is wat de constructeur voorschrijft, en bij de bestelling bij de betoncentrale vermeld je de klasse duidelijk. De consistentie kies je zo dat het beton goed te verdelen en af te reien is. Beton op de bouwplaats met extra water aanlengen is een fout: het verwerkt makkelijker, maar verliest sterkte en scheurt meer.

Dikte

Een ondervloer in een woning of aanbouw is meestal ongeveer 10 tot 15 cm dik. In een garage, werkplaats of onder zware belasting wordt hij dikker en gewapend uitgevoerd. De exacte waarde staat in de constructieve berekening. Bij renovatie van een oudere woning bepalen deurhoogtes en drempels vaak hoeveel ruimte er is, dus denk de complete vloeropbouw door voordat het sloopwerk begint. Komt er isolatie in de vloer, dan is het slim om ook te kijken of er subsidie voor vloerisolatie beschikbaar is, zoals de ISDE. Controleer de actuele voorwaarden vóórdat je de opbouw vastlegt.

Wapeningsnet, vezels of ongewapend

  • Ongewapend: voor kleinere oppervlakken op een goed verdichte ondergrond, waar de vloer alleen lichte lagen draagt. Gevoeliger voor scheuren, dus krimpvoegen zijn nodig.
  • Wapeningsnet: de meest gebruikte oplossing. Houdt de vloer bij elkaar en beperkt de groei van scheuren. Moet goed op afstandhouders liggen.
  • Vezelbeton: kunststof of staalvezels worden in de centrale door het beton gemengd. Scheelt tijd bij het leggen van netten, maar moet door de constructeur zijn voorgeschreven of goedgekeurd.

Hoe het beton op zijn plek komt

Het beton gaat via de goot van de truckmixer, met een betonpomp of met kruiwagens naar de vloer. Een pomp is handig waar de mixer niet tot aan het werk kan komen of waar binnen wordt gestort via een raam of deur. Voor kleine oppervlakken wordt het beton ook ter plaatse in een betonmolen gemaakt. Dan is het lastiger om elke mengbeurt even goed te krijgen, en het storten duurt langer, zodat de eerste delen al beginnen op te stijven voordat de laatste klaar zijn.

Wat het werk makkelijker of zwaarder maakt

Hetzelfde aantal vierkante meters kan een halve dag rustig werken betekenen of een volle dag zwaar stortwerk. Het verschil zit vooral in deze punten:

  • Bereikbaarheid: een grote open vloer waar de mixer tot aan de rand kan rijden, is het eenvoudigst. Storten in een kelder, binnen in een bestaande woning of achter een smal tuinpad vraagt om een pomp of veel handwerk.
  • Vorm van de ruimte: veel kleine vakken, uitsparingen, kolommen en doorvoeren betekenen meer handwerk rond obstakels.
  • Kwaliteit van de ondergrond: een vlak en goed verdicht zandbed bespaart beton en tijd. Kuilen en hobbels kosten extra beton en maken een gelijke dikte lastiger.
  • Eisen aan vlakheid: komt er direct een vloerafwerking of vloerverwarming op zonder egalisatie, dan zijn nauwkeurigere geleiders en zorgvuldiger afwerken nodig.
  • Wapening: netten leggen en ondersteunen is apart werk, en tijdens het storten loop je moeilijker door de wapening.
  • Weer: bij hitte trekt het beton snel aan en is er minder tijd om af te reien. Bij kou moet de vloer worden beschermd en duurt het wachten langer.
  • Hoeveelheid in één keer: een doorlopende aanvoer zonder lange pauzes tussen de wagens maakt het werk veel eenvoudiger. Is de tweede wagen te laat, dan ontstaat er een stortnaad op de overgang.

Tijd, uitharding en de vakmensen erna

Hoe lang het duurt

Het storten en afreien van een gemiddelde vloer van een aanbouw of garage doet een ervaren ploeg meestal in één dag, vaak in een paar uur. Het voorwerk, zoals verdichten, geleiders zetten en netten leggen, kost meestal meer tijd dan het storten zelf.

Uitharden en nabehandelen

Afhankelijk van de temperatuur kun je meestal de volgende dag voorzichtig over de vloer lopen. Het beton moet ongeveer een week vochtig blijven door nat te houden of af te dekken met folie, zeker bij warm en winderig weer. Onder ongeveer 5 °C hoort zonder maatregelen niet gestort te worden: vorst beschadigt in de eerste dagen het oppervlak en de sterkte. De volle ontwerpsterkte bereikt beton meestal na 28 dagen.

Wat erna komt en wat je afstemt

Op de ondervloer volgt meestal een vochtwerende laag of dampremmende folie, daarna de isolatie, eventueel leidingen voor vloerverwarming en tot slot de dekvloer, vaak zandcement of anhydriet. Voor folies en bitumineuze lagen moet het oppervlak schoon, droog genoeg en soms voorgestreken zijn. Wanneer precies, bepaalt de fabrikant van dat materiaal.

Stem vóór het storten goed af met de andere vakmensen. De loodgieter bevestigt de positie van afvoeren, de erkend elektricien de mantelbuizen en de installateur de totale opbouwhoogte bij vloerverwarming. Worden er later nog binnenwanden gemetseld of van gipsplaat geplaatst, spreek dan af of die op de ondervloer komen of een eigen fundering krijgen.

Typische fouten en hoe ze later zichtbaar worden

  • Slecht verdichte ondergrond: de vloer zakt na verloop van tijd, vooral langs de muren en boven aangevulde rioolsleuven. Je ziet het aan scheuren in de tegels en hoort het aan een hol geluid.
  • Geen randisolatie langs de muren: bij krimp en temperatuurwisselingen duwt het beton tegen het metselwerk, met scheuren in hoeken en bij deuren als gevolg.
  • Extra water op de bouwplaats: het beton verwerkt makkelijker, maar het oppervlak wordt stoffig, zacht en scheurt meer. Lagen erop hechten slechter.
  • Wapening onderin: een net dat in de folie is getrapt, houdt niets tegen. Scheuren lopen vrij door.
  • Verkeerde hoogte: te hoog beton gaat ten koste van isolatie of dekvloer, te laag betekent een dikkere dekvloer en langer drogen. Vaak ontdekt pas de tegelzetter of vloerlegger de fout.
  • Te weinig nabehandeling: het oppervlak droogt te snel uit, met haarscheurtjes en stof. In de zomer gebeurt dat al op de eerste dag.
  • Vergeten sparingen: achteraf hakken beschadigt de vloer, de folie en de vochtwering, die dan omslachtig moet worden hersteld.
  • Storten bij vorst: het oppervlak bladdert af en het beton haalt niet de sterkte die je ervan verwacht.

Doe-het-zelfgids: een ondervloer voor een schuur of kleine berging

Een klein oppervlak, zoals de vloer van een tuinschuur, berging of hobbyruimte, kun je zelf storten. Je hebt minstens één helper nodig, een betonmolen of besteld beton en een aluminium rei. Bij grotere oppervlakken, woonruimtes met een complexe vloeropbouw en overal waar de vloer onderdeel is van de draagconstructie, laat je het werk aan vakmensen over. Lopen er elektriciteitsleidingen onder de vloer, dan legt en sluit alleen een erkend elektricien die aan.

  1. De grond uitgraven tot de juiste diepte en teelaarde, wortels en afval verwijderen.
  2. Zand of granulaat in lagen aanbrengen en elke laag verdichten met een gehuurde trilplaat.
  3. De hoogte van de bovenkant van het beton op de wanden of bekisting aftekenen en rondom randisolatie aanbrengen.
  4. PE-folie met overlap uitleggen en zo nodig een wapeningsnet op afstandhouders leggen.
  5. Geleiders op betonklosjes of pennen zetten en de hoogte controleren met waterpas of laser.
  6. Beton van de juiste klasse klaarmaken, bij zelf mengen de verhouding van het recept of de fabrikant van de droge mortel aanhouden en geen extra water toevoegen.
  7. Beton storten vanaf de verste hoek, iets boven de geleiders verdelen en aanstampen.
  8. Het beton over de geleiders afreien met een zijwaartse en voorwaartse beweging, kuilen bijvullen en opnieuw afreien.
  9. De geleiders verwijderen, de sleuven met beton vullen en het oppervlak gladstrijken met een spaan.
  10. De vloer afdekken met folie en ongeveer een week vochtig houden.

De vloer controleren en opleveren

Controleer de ondervloer voordat de volgende laag hem bedekt. Daarna zijn fouten lastig te herstellen. Je hebt een rei of rechte lat van twee meter nodig, een waterpas of laser en het meterpeil op de muur. Voor een ondervloer onder folie en isolatie geldt meestal dat er onder de lat geen kier groter dan ongeveer 5 mm mag zijn. De precieze tolerantie, eventueel volgens een vlakheidsklasse uit NEN 2747, staat in het bestek of komt van de fabrikant van de volgende laag.

  • De hoogte van de bovenkant klopt met de tekening op meerdere punten van de vloer
  • De vlakheid onder de lat van twee meter valt binnen de afgesproken tolerantie
  • Het oppervlak is gesloten, zonder kuilen, grindnesten en uitstekende steentjes
  • Rondom zit randisolatie en de vloer raakt het metselwerk nergens
  • Sparingen en mantelbuizen zitten op de juiste plek en zijn niet verschoven
  • Er steekt nergens wapening uit het oppervlak
  • Er zijn geen scheuren breder dan haarscheurtjes
  • Het oppervlak stuift niet en brokkelt niet af als je er met een sleutel over krast
  • Het beton is nabehandeld en je weet wanneer en hoe lang
  • Je hebt de afleverbonnen van de betoncentrale met de sterkteklasse

Veelgestelde vragen

Nee. De ondervloer ligt op het zandbed onder de vochtwering en isolatie en vormt de basis van de vloer. De dekvloer is de bovenste egaliserende laag die boven de isolatie komt en waarop de vloerafwerking wordt gelegd. Beide hebben een andere functie en de ene kan de andere niet vervangen.

Gerelateerde werkzaamheden

Blog

Bereken het hele project, niet alleen één werkzaamheid

In de prijslijst bouwwerkzaamheden kiest u posten uit alle vakgebieden en NUMIQ maakt er een offerte van die klaar is voor de klant.